Een huisdier voor je kind

Veel kinderen vragen er om, ze willen een huisdier. Het liefst een hond of een kat. Als je kind zegt graag een huisdier te willen, zeg dan niet gelijk nee. Het hebben van een huisdier kan voor je kind namelijk erg goed zijn. Leer je kind om met dieren om te gaan.

Het is natuurlijk niet de bedoeling dat je kind de hele dag met een kat in de armen rondloopt of een hond aan zijn staart trekt. Een dier kan niet uitleggen dat hij iets niet fijn vindt en daarom bijt, gromt of krabt deze.

Het is dus belangrijk dat je als je een huisdier neemt, je kind regels oplegt om met het dier om te gaan. Aai bijvoorbeeld alleen als het dier naar jou toekomt. Als het dier ligt te slapen, moet je hem niet gaan aaien. En als je het dier roept, en deze komt niet, aai hem dan ook niet.

Leer je kind ook dat hij niet aan de oren, ogen en bek van het dier zit. Dit is niet fijn voor het beest en deze kan dan ook boos reageren door te bijten, grommen of krabben. Leer je kind het liefst om het dier op de rug te aaien en niet op de kop.

Zorg er in het begin altijd voor dat je in de buurt bent als je kind en dier alleen zijn. Dit geldt voornamelijk bij het houden van een hond.
Honden moeten aan je kinderen wennen en vertrouwd raken met elkaar. Kleine kinderen kunnen zich druk gedragen en ook plotselinge geluiden of bewegingen maken, deze schrikken het dier vaak af.

Als je kind en dier eenmaal aan elkaar gewend zijn, willen ze niet meer zonder elkaar. Ze worden vaak dikke maatjes en dit is als ouder zijnde heerlijk om naar te kijken. Ze knuffelen en spelen met elkaar, voor je kind ook fijn om een goede band op te bouwen met een dier.

Geschreven door